Dilemma’s in het directe zorgcontact

Het contact tussen patiënt en de zorgverlener wordt door technologie beïnvloed. De inzet van technologie kan positieve effecten hebben. Zo is het inzetten van een digitaal consult (een e-consult), bijvoorbeeld via een website of videocontact, een eenvoudige manier om de wachttijd, reistijd en/of regeltijd te beperken. Handig voor patiënten die dat willen want zij hoeven niet naar het spreekuur te komen. Als er middelen zijn om de zorg beter te organiseren, hoe (on)ethisch is het dan om deze middelen niet te gebruiken?


Ook bij het inzetten van digitale hulpmiddelen in de praktijk ontstaan ethische vragen. Ethische vraagstukken komen in verschillende vormen aan het daglicht. Denk bijvoorbeeld aan de vraag of je wel of geen realtime inzage biedt aan patiënten en of het bijvoorbeeld ethisch verantwoord is om geen e-health oplossing te bieden aan de patiënt terwijl die wel beschikbaar is. Een ‘one size fits all’ antwoord op de vraagstukken of oplossing voor de kwesties is er niet. Maar wat dan wel? Hoe moet ik als zorgverleners omgaan met de vraagstukken die op me af komen? Middels een aantal opgestelde casussen reflecteren we op het keuzeproces van een professional en waar hij ‘goed aan doet’ en linken daarbij naar mogelijke hulpmiddelen voor ethische reflectie. Zorgverleners en patiënten kunnen zich afvragen: waar doe ik eigenlijk goed aan? Hoe zet ik de technologie zodanig in dat de kwaliteit van de zorg en de waarden die we belangrijk vinden voldoende geborgd blijven?

Casus Eva:

Eva is begeleidster voor mensen met een psychiatrische stoornis die beschermd wonen. De organisatie waarvoor ze werkt wil een portaal invoeren waarin de cliënt de over hem geschreven rapportages kan inzien en aanpassingen daarop kan voorstellen. Eva onderschrijft dit belang maar maakt zich er ook zorgen over of het online meelezen met de rapportages de communicatie met haar cliënten beïnvloedt. Wat als die achterdochtige cliënt nu dingen verkeerd interpreteert? Moet ze anders gaan rapporteren dan dat ze tot nu toe deed?


Haar dilemma: Hoe kan ik op een goede manier rapporteren over een cliënt?


Overweging en conclusie: Eva besluit haar dilemma met collega’s te delen.* Samen spreken ze het door en zoeken ze ernaar om ‘het goede’ te doen. Het uitgangspunt dat uiteindelijk als ‘het goede’ voelt voor Eva was: ‘we beslissen met cliënten en niet over cliënten. En om met cliënten samen te beslissen moeten zij geïnformeerd zijn en dus ten alle tijden toegang kunnen hebben tot hun dossier.

* Zie ook hoofdstuk ‘Praktische hulpmiddelen’ voor meer informatie over het ‘Moreel Beraad’. Dat is een middel dat kan ondersteunen om tot goede overwegingen te komen, wetende dat de overweging per patiënt anders kan zijn.

Casus Henk:

Henk is een professional in een verzorgingstehuis voor mensen met dementie. ’s Nachts gaan veel van zijn cliënten dolen met het gevaar dat ze vallen. Henk zoekt naar een middel om valincidenten te voorkomen. Helaas is er onvoldoende personeel om ‘s nachts op diverse plekken in het pand aanwezig te zijn. Henk overweegt een video-systeem in te zetten dat hem alarmeert wanneer er veel beweging is en één van zijn cliënten misschien doolt. Enerzijds is Henk van mening dat hij goede zorg verleent door deze technologie in te zetten en zo het aantal valincidenten mogelijk te kunnen verminderen. Anderzijds staat de privacy van de cliënt hoog in het vaandel bij Henk en ziet hij het nadeel van videoregistratie.


Zijn dilemma: Doe ik er goed aan een video-systeem inzetten om de kwaliteit van zorg te verbeteren als ik daarmee inbreuk doe op de privacy van individuele cliënten?


Overweging en conclusie: In zijn overweging neemt Henk zich voor om meerdere perspectieven te bundelen, alvorens hij tot een keuze te komen. Hij besluit niet alleen zijn collega’s te betrekken, maar ook de cliënt en zijn/haar netwerk. De families blijken uitermate positief te zijn en hebben daarnaast nuttige toevoegingen. Zo stellen zij voor om de registratie te voorzien van een filter zodat niet direct zichtbaar is wie er op een moment aan het dolen is. Henk heeft de positieve steun van het netwerk en kan opzoek gaan naar een videosysteem dat voldoet aan zijn eisen.

Casus Anneke:

Anneke, projectleider van het patiëntportaal in een ziekenhuis, staat voor een probleem. In een overleg van het projectteam over het nieuw te lanceren portaal is het onderwerp laboratoriumuitslagen op de agenda gezet. Straks is het mogelijk dat zodra een onderzoeksuitslag bekend is, patiënten deze uitslag in het portaal realtime kunnen raadplegen. Ze hoeven dus niet te wachten en eerst een afspraak te maken om de uitslag van de arts te horen. De arts heeft bedenkingen bij realtime de uitslag bekendmaken. Patiënten zien de uitslag zonder dat de arts ernaar heeft kunnen kijken of daarover uitleg heeft kunnen geven aan de patiënt. Er zijn nu al artsen die aangeven dit niet te zien zitten. De cliëntenraad juicht realtime inzage toe.


Haar dilemma: Hoe kan het ziekenhuis met het portaal zowel recht doen aan de wensen van de cliëntenraad als aan de zorgen van artsen?


Overweging en conclusie: Na wat onderzoek te hebben gedaan, besluit Anneke een bijeenkomst te organiseren met vertegenwoordigingen van zowel de cliëntenraad als de medische staf en verpleegkundigen. In de bijeenkomst bespreken ze aan de hand van een argumentenwijzer de mogelijke opties om realtime inzage in de praktijk goed vorm te geven. Geconcludeerd wordt dat realtime inzage als keuze wordt aangeboden aan iedere patiënt, gekoppeld aan duidelijke voorlichting in het portaal. Hoewel de aanwezigen ook met die insteek nog dilemma’s verwachten in de praktijk, lijkt dit voor veel situaties een evenwichtige oplossing.

Casus Rob:

Een intensieve chemotherapie zorgt ervoor dat Rob wekelijks meerdere afspraken op meerdere dagen heeft in het ziekenhuis. Het reizen en het vele wachten kosten hem veel energie. Energie die hij hard nodig heeft. Zijn vriendin vraagt in het ziekenhuis of er geen afspraken via Skype kunnen worden gedaan. Annemarie, de longarts, weet niet goed hoe hierop antwoord te geven want het ziekenhuis heeft hierover nog geen beleid. Behalve praktische zaken is ze er niet zeker van of digitale consulten wel genoeg informatie opleveren om een vinger aan de pols te houden. Samen met een verpleegkundige belooft ze om het uit te zoeken.


Haar dilemma: Hoe kan ik de patiënt regelmatig blijven zien om voldoende informatie te verzamelen, maar de patiënt toch zo min mogelijk belasten?


Overweging en conclusie: Samen met de verpleegkundige, die ook veel afspraken verzorgt, verzamelt Annemarie informatie. De ICT-afdeling helpt met vragen over de software en stelt voor dat ze mee gaat doen aan een pilot. Belangrijk is het daaropvolgende gesprek met Rob. In het gesprek blijkt dat Rob videocontact eigenlijk niet zo nodig vindt. Hij begrijpt goed dat hij tussentijds moet worden gecontroleerd. Het zou hem al heel veel schelen als hij voor een aantal zaken gewoon kan bellen. Dat scheelt al wacht- en reistijd. De oplossing is snel gevonden door een aantal afspraken telefonisch in te plannen. Het dilemma blijkt - na goed doorvragen over voorkeuren en wensen - niet zo groot (en niet zo digitaal) te zijn als Annemarie eerst dacht.

Welke thema’s zijn voor u belangrijk?
Laat het ons weten via patientparticipatie@nictiz.nl